![]() |
Aangezien de Salische wet er van kracht was, die vrouwen uitsloot van de troon, kwam Luxemburg in 1890, toen in Nederland koningin Wilhelmina de troon aanvaardde, in handen van de oudste tak van de familie: de Nassau-Weilburg. Groothertog Adolf, soeverein van het Duitse hertogdom Nassau, die in 1866 door Willem I van Pruisen was verdreven, werd voorvader van de nieuwe, nationale dynastie. De Nassau-dynastie, afstammende van Walram van Nassau, graaf van Laurenburg, die leefde in de twaalfde eeuw, heeft een reeks soevereinen gekend die net zo kleurrijk was als de geschiedenis van die twee landen, Nederland en Luxemburg, tot het ten slotte in de negentiende eeuw als zodanig werd gevestigd.
In 1905 werd groothertog Adolf van Luxemburg opgevolgd door zijn zoon, Willem IV. Toen hij op 25 februari 1912 overleed, stierf daarmee het Huis Nassau in mannelijke lijn uit. De Groothertog en zijn vrouw, de voormalige prinses Maria-Anna van Braganca, hadden zes dochters. Onder een familiestatuut, uitgevaardigd in 1907, en enige maanden later geratificeerd door het Huis van Afgevaardigden, werd de successiewet zo veranderd dat ook een vrouw de troon mocht bestijgen. Zo werd dus in 1912 de oudste dochter, Maria-Adelheid, regerend groothertogin.
Aan het begin van de Eerste Wereldoorlog werd zij, vermoedelijk ten onrechte, beschuldigd van pro-Duitse sympathieën; vijandigheid binnen het eigen volk en van de kant van de geallieerde troepen, dwongen haar afstand te doen. Zij trok zich terug in een klooster, en noemde zichzelf voortaan 'Zuster Marie der Armen'-in 1924 stierf ze op het kasteel Hohenburg.
![]() |
De Duitsers verzochten Charlotte, die eerst naar Portugal, en vervolgens naar Engeland was gevlucht, terug te keren naar Luxemburg. Haar trotse repliek was: 'Mijn hart zegt ja, maar mijn verstand zegt nee!' De Duitsers bezetten het land en onderdrukken de bevolking; de geestkracht van het volk wisten zij niet te breken. In de ogen der geallieerden had de Groothertogin de morele integriteit van haar land gered.
In 1919 was Charlotte getrouwd met prins Felix van Bourbon-Parma, een broer van keizerin Zita van Oostenrijk, koningin van Hongarije. Beiden waren kinderen van Robert I (1848-1907), laatste soeverein van het hertogdom Parma. Uit dit huwelijk werden zes kinderen geboren. Groothertogin Charlotte regeerde voorspoedig tot 1964, toen ze afstand deed van de troon ten gunste van haar zoon en erfgenaam, groothertog Jan. Ze stierf in alle rust 21 jaar later, gekoesterd in de liefde en het respect van volk en familie.
Via zijn vader is groothertog Jan tevens prins van Bourbon-Parma. Deze Parma-tak vindt zijn oorsprong bij de tweede zoon van Elizabeth Farness en Filips V, de eerste Bourbon-koning van Spanje, kleinzoon van Lodewijk XIV van Frankrijk. De huidige soeverein is dus lid van het Huis der Capetingen, de enige familie ter wereld die haar voorvaderen kan aanwijzen tot het jaar 852, namelijk tot Robert de Sterke, graaf van Anjou, overgrootvader van Hugo Capet, Stichter van de Franse Dynastie en voorvader tot in de 31ste generatie van de huidige Groothertog. Jan had de kroon geeërfd via zijn moeders familie, en daarom verklaarde hij op 28 juli 1987 de naam Bourbon vervallen, zowel voor hemzelf als voor zijn familie. Derhalve draagt de dynastie nu alleen nog de naam Nassau, de titel Prins van Bourbon-Parma bestaat niet meer. De volledige titel van de Groothertog luidt:
'Bij de gratie Gods, groothertog van Luxemburg, hertog van Nassay, paltsgraaf van de Rijn, graaf van Sayn, Königstein, Katzenelnbogen en Diez, burggraaf van Hammerstein, landheer van Mahlberg, Wiesbaden, Idstein, Merenberg, Limburg en Eppstein'.
De Groothertog en zijn kinderen laten zich nog steeds aanpreken met 'Zijne Hoogheid', een overblijfsel uit het Huis Bourbon. Voorheen echter was de aanspreektitel: 'Hunne Groothertogelijke Hoogheden'. De oudste zoon, tevens opvolger, draagt de titel Erfgenaam van het groothertogdom Luxemburg, Kroonprins van Nassau. De andere familieleden zijn prinses en prinsessen van Luxemburg en Nassau. De successierechten werden geregeld in een overeenkomst binnen de Nassau-familie in 1738, het familiestatuut van 1907, en de Grondwet van het groothertogdom. Binnen de familie Nassau is de kroon erfelijk in mannelijke lijn, en naar het eerstegeboorterecht. De prinsen mogen niet trouwen zonder toestemming van de soeverein, anders verliezen zij en hun nazaten hun aanspraken op de troon, hun titels en hun aanspreekvormen. De vermoedelijke opvolger heeft onbetwistbaar recht op de troon zodra deze vacant is door overlijden of abdicatie van de zittende soeverein.
Grondwettelijk berust in Luxemburg de hoogste macht bij de staat. De Groothertog kent slechts uitvoerende bevoegdheden. Hij kondigt wetten af, sanctioneert ze en maakt binnen drie maanden na een wetsaanname in het Huis van Agevaardigden zijn beslissing kenbaar. Het Sanctioneren houdt in dat de Groothertog instemt met enige wet zoals die door het Huis van Afgevaardigden is gepresenteerd, waarmee die wet de kracht van wet krijgt. Het afkondigen houdt in dat de Groothertog publikatie en inwerkingtreding van de wet verordonneert. Heef de Groothertog een bepaald wetsvoorstel niet binnen drie maanden nadat het Huis van Agevaardigden het goedkeurde, gesanctioneerd, dan is de onderhavige wet van nul en generlei waarde. De Groothertog sluit overeenkomsten, die wettelijk goedgekeurd, en officieel gepubliceerd moeten worden.
Hij is opperbevelhebber der strijdkrachten. Hij benoemt mensen in militaire en civiele functies, tenzij de wet anders voorschrijft. Hij zit in de Raad van State voor wanneer hem dat gewenst voorkomt. Hij mag zich laten vertegenwoordigen door een prins van koninklijke bloede, die dan de titel 'luitenant voor de groothertog' aanneemt. De ze vertegenwoordiger moet dan wel in Luxemburg resideren, en een eed afleggen waarin hij verklaart de grondwet te zullen respecteren. Iedere zitting van het Huis van Afgevaardigden wordt door de Groothertog geopend en afgesloten, of door een gevolmachtigde die daar speciaal toe wordt aangewezen. De Groothertog mag het Huis bijeenroepen voor een bijzondere vergadering op verzoek van een derde van de afgevaardigden. Voorts mag hij het Huis opschorten of ontbinden. De rechtsspraak ligt in handen van hoven en gerechten, in naam van de soeverein, die het recht op kwijtschelding of strafvermindering heeft.
![]() |
Groothertog Jan werd op 5 januari 1921 geboren op kasteel Colmar-Berg. Zijn basis-en voortgezet onderwijs genoot hij binnen het groothertogdom. Later vertrok hij naar Ampleforth College in Engeland, waar hij intern was. Daarna studeerde hij rechten en politieke wetenschappen aan de Universiteit van Québec, Canada. Tijdens de Tweede Wereldoorlog nam hij dienst in het geallieerde leger, en in juni 1944 nam hij deel aan de bevrijding van zijn eigen land onder de naam Luitenant Luxemburg. Hij is sinds 1951 lid van de Raad van State, en werd in 1961 door groothertogin Charlotte benoemd tot 'Stadshouder', waarmee hij de bevoegdheid kreeg in naam van zijn moeder als soeverein op te treden. Op 12 november 1964 deed de Groothertogin afstand ten gunste van haar zoon. Groothertog Jan is voortgegaan op de ingeslagen weg, die twee hoofddoelen kent: bevordering van de welvaart van het volk, en het krachtig deelnemen aan de opbouw van Europa.
Op 9 april 1953 trouwde hij met prinses Joséphine Charlotte van België, de oudste dochter van koning Leopold III, en zuster van de huidige koning der Belgen. De Groothertogin toont zich met name betrokken bij de sociale problematiek in haar land. Zij is voorzitter van het Luxemburgse Rode Kruis. Het koninklijk paar stelt er veel prijs op de tradities van het christelijk gezin hoog te houden; zij leiden een bescheiden bestaan, en trachten zo min mogelijk in krantenkoppen en tijdschriften te figureren.
Jan en Joséphine van Luxembug hebben vijf kinderen. Prinses Maria Astrid, geboren 1954, is gehuwd met aartshertog KLarel Christiaan van Oostenrijk. Prins Henri, erfgenaam van het groothertogdom, werd geboren in 1955, studeerde in eigen land en Frankrijk, en kreeg zijn militaire training te Sandhurst, Engeland. Hij studeerde economie en politieke wetenschappen aan de Universiteit van Genéve, waar hij zijn toekomstige vrouw, Maria Térésa Mestre, dochter van een Cubaanse vluchteling die is uitgeweken naar Zwitserland, ontmoette. Zij trouwden in februari 1981 en hebben reeds vijf kinderen: Willem (1981), Felix (1984), Lodewijk Xavier (1986), Alexandra (1991) en Sebastiaan (1992).
![]() |
Prinses Margaretha is gehuwd met prins Nicolaas van Liechtenstein.
Het jongste kind van het groothertogelijk paar, prins Willem, werd geboren in 1963, en is nog niet getrouwd.
De luxemburgse familie telt voorts nog vier zusters van de groothertog: prinses Elisabeth, hertogin van Holenberg, geboren in 1922, prinses Marie Adelheid, gravin Henckel van Donnersmark, geboren 1924, Prinses Marie Gabrielle, gravin van Holstein-Ledreborg, geboren 1925, en prinses Alix, prinses van Linge, geboren in 1929.
Hun broer, prins Karel, die in 1927 werd geboren, en stierf in 1977, had twee kinderen: prins Robert van Luxenburg (1968) en prinses Charlotte (1967).
