Koning en Keizerrijken  

Vorstenhuizen in de Benelux


De Benelux
Het Belgische en het Nederlandse hof hebben altijd een speciale band gehad. Koningin Wilhelmina was goed bevriend met koning Leopold III. Op het laatste Belgische hofbal in 1958 waren de Nederlandse prinsessen de grote sterren. En dan is er nog de jarenlange vriendschapsband tussen koningin Beatrix en wijlen koning Boudewijn.

De drie Benelux-koningshuizen zijn zoals bekend ver verwant met elkaar. Maar de gekroonde hoofden gaan meer met elkaar om als dichte dan als verre familie. Ze stralen de warmte uit van een hechte familie. Al in de jaren dertig was koningin Wilhelmina bijzonder gesteld op koning Leopold III. Een genegenheid die werd gedeeld door prinses Juliana en prins Bernhard. Zij lieten koning Leopold III de eer om peetvader te zijn van hun eerst geboren kind, Beatrix. Zo was Leopold III eregast op de plechtige doop van Beatrix in 1938 in Den Haag.

In 1958 werd ter gelegenheid van de opening van de Expo in Brussel ten paleize een hofbal georganiseerd. De prinsessen Beatrix en Irene kwamen toen uit Nederland over. Koning Boudewijn opende het bal met de Nederlandse kroonprinses. Een onschuldige keuze trouwens, het Belgische hof wilde ten alle prijze vermijden dat Boudewijn aan een of andere 'vriendin' gelinkt zou worden. Aangezien de Belgische koning niet kan trouwen met de Nederlandse kroonprinses, lag deze weinig sensatie oproepende opening van het bal voor de hand. Men realiseerde zich ter dege, dat als Boudewijn het bal zou openen met een van de aanwezige Skandinavische prinsessen de geruchtenmachine ten volle zou gaan draaien. Maar het was ook Boudewijn die voor de opening van dit bal, de sympathieke Nederlandse kroonprinses uitnodigde.

Het was in ieder geval een opmerkelijk paar: de jeugdige, serieus ogende en onhandige Boudewijn met de (naar aanleiding van een recent staatsbezoek van koningin Elizabeth aan Nederland) afgeslankte en in iriserend wit satijn geklede Beatrix, die hierbij het Griekse diadeem droeg, samen met één van de mooiste waaiers uit het familiebezit. Ook prinses Irene droeg een witte satijnen avondjurk afgezet met sneeuwwit bont. Het zou haar als een prelude kunnen worden gezien op het bruidstoilet van koningin Fabiola, ruim twee jaar later in dezelfde zaal van het Koninklijk Paleis in Brussel.

Toen Irene op de bewuste middag van het hofbal van de kapper in Utrecht terug reed naar Paleis Soestdijk, werd zij in haar Saab aangereden en moest ze wit om de neus met een andere auto naar Soestdijk worden gebracht om vandaar vanaf vliegveld Soesterberg naar Brussel te vliegen. Vanwege de schrik en een beetje hoofdpijn, werd er op het laatste moment gekozen voor het meest fragiele en lichtste korenaar diadeem. Eenmaal opgenomen in de mengeling van avondtoiletten, juwelen en uniformen, was Irene het kleine incident snel vergeten. Boudewijn en Beatrix genoten intens van dit bal als twee mensen die elkaar respecteerden en waardeerden. Beatrix keek ook op naar haar leeftijdsgenoot die al zo vroeg de zware last van het koningsschap op zijn schouders voelde drukken... Maar dat er vanaf die periode tussen deze twee mensen een band zou ontstaan die het best getypeerd kan worden als een'zeer dichte broer-zus relatie', bevroedden op dat moment nog maar heel weinig mensen.

Als de koning-vrijgezel Boudewijn in 1959 een staatsbezoek aan Nederland brengt, zijn het koningin Juliana en prins Bernhard met de prinsessen Beatrix en Irene die zich letterlijk tijdens het drie dagen durende bezoek over Boudewijn ontfermen. Een aandoenlijk beeld leverde het bezoek aan de Koninklijke Schouwburg op. Tijdens het spelen van de volksliederen werd Boudewijn in de koninklijke loge geflankeerd door Juliana en Beatrix. De vreugde die Beatrix voelde toen Boudewijn haar liet weten de vrouw van zijn dromen te hebben gevonden, was dan ook oprecht en gemeend. Door de komst van Fabiola verhevigde het contact van Boudewijn en Fabiola met Beatrix. Er was geen vrouw gekomen die tussen haar en Boudewijn in ging staan, maar een nieuw familielid en dat gaf een fantastisch gevoel.

In december 1960 woont Beatrix met haar ouders en zus Irene het huwelijksfeest van Boudewijn en Fabiola bij. Gekleed in donkergroen fluweel, aan de zijde van prins Felix van Luxemburg, de broer van Irene's toekomstige schoonvader, is Beatrix zichtbaar onder de indruk van de devote huwelijksvoltrekking in Brussel. Fabiola en Beatrix, twee vorstelijke vrouwen met een bijzonder gevoel voor discretie, met een opmerkelijk standvastige kapsel-keuze, met een allure en een juwelenkeuze die een zeer hoogstaand mensbeeld verraden. Het is niet verwonderlijk dat deze mensen in de toekomst vaak elkaars gezelschap zoeken.

Als voor het 25-jarig huwelijksfeest van koningin Juliana en prins Bernhard in 1962, Boudewijn en Fabiola als laatste gasten op Schiphol arriveren, is het Beatrix die hen verwelkomt en begeleidt naar de festiviteiten in de Keukenhof, de grootste bloementuin van Nederland. En wanneer in 1966 voor prinses Beatrix de huwelijksklokken luiden, komt er veel royalty naar Nederland. Prominent aanwezig bij alle plechtigheden zijn de koning en de koningin van België. Het bruidspaar wordt op de officiële huwelijksfoto geflankeerd door koning Boudewijn en koningin Fabiola. En niet door koningin Juliana, prins Bernhard of de moeder van prins Claus. Dit soort subtiliteiten maakt duidelijk wat men echt voor elkaar voelt. Vanzelfsprekend blijft men elkaar bezoeken, officieel en informeel. De eerste visite die koningin Beatrix na haar inhuldiging buiten de grenzen van Nederland aflegde, ging trouwens richting België.

Dan breekt het dramatische jaar 1993 aan, waarbij het Belgische vorstenpaar een staatsbezoek brengt aan Nederland. Niemand kon toen vermoeden dat dit de laatste ontmoeting tussen Boudewijn en Beatrix zou zijn. De wijze waarop het Nederlands koninklijk paar staat te wachten op Schiphol, geeft aan dat hier gaat om een treffen van twee bevriende koppels. Uit alles blijkt: men heeft er zin in. Ook het programma kent verrassende onderdelen zoals de lunch op de Belgische ambassade waarvoor ook prinses Juliana en de prinses Willem-Alexander, Friso en Constantijn zijn uitgenodigd. Ongetwijfeld heeft koning Boudewijn teruggedacht aan 1959 toen hij als eenzame jongeman op bezoek kwam. Was het daarom dat hij stevig gearmd met Fabiola boven aan de vliegtuigtrap verscheen om vervolgens onder aan de trap zijn gastvrouw innig te omhelzen?

Bij de ontvangst in de Belgische ambassade heette gastheer Boudewijn prinses Juiliana bijzonder hartelijk welkom. Ook Juliana was zeer verheugd haar Belgische familie weer te ontmoeten, zo verheugd dat zij zelfs extra feestelijk gekleed ging en zich tooide met het al jaren niet meer gedragen collier van diamanten en saffieren, het collier dat koningin Wilhelmina zo vaak droeg.

Het bezoek aan Paleis Het Loo werd een waar familietreffen. Samen met prinses Margriet en mr. Pieter van Vollenhoven maakten de beide vorstenparen een rondgang door het paleis. In de werkkamer van koningin Wilhelmina toonde een trotse koningin Beatrix een ingelijste ansichtkaart die Boudewijn als jongen naar zijn tante koningin Wilhelmina had gestuurd, met op de achterzijde het handgeschreven 'Baudouin'. Dit soort belevenissen maakte dat het staatsbezoek veel meer betekende dan het formeel treffen van twee staatshoofden. Vanaf het vlak bij Apeldoorn gelegen vliegveld Deelen werd de terugreis naar Brussel aangevat. De wijze waarop de beide vorstenparen afscheid namen, was zo innig en hartelijk, dat thans na tien jaren de daarvan gemaakte foto's nog ontroeren... Temeer omdat het, zoals later zou blijken, een afscheid voor altijd was.

Toen koningin Beatrix tijdens haar vakantie in Italië werd geconfronteerd met het nieuws van het overlijden van koning Boudewijn is ze een dag lang volledig van slag geweest. Toen ze vervolgens op de ochtend van de begrafenis in Brussel aankwam om afscheid van de opgebaarde koning Boudewijn te nemen, kreeg ze opnieuw (voor het oog van de televisiecamera) een duidelijk waarneembare schok. De confrontatie met de harde waarheid deed zichtbaar pijn. Ondanks de indrukwekkende begrafenis die in het teken van een blij weerzien stond, had Beatrix tijd nodig om het afscheid van zo'n dierbare vriend te verwerken.

Op een uiterst ongebruikelijke wijze rondde zij het sterven van koning Boudewijn af tijdens de opening van het parlementaire jaar op de derde dinsdag van september, op Prinsjesdag. Alvorens met het uitspreken van de troonrede te beginnen, sprak Beatrix de volgende historische woorden:

'Verbondenheid tussen mensen en aandacht voor het kwetsbare. In dit teken stond het leven van koning Boudewijn. Zijn boodschap was er een van bemoediging en hoop, en zijn oproep was voor het kwetsbare op te komen. Dat sprak ons allen bijzonder aan'.

Dat de vorstin op de Nederlandse parlementaire hoogtijdag een dergelijke hommage brengt aan de overleden Belgische koning mag als illustratief worden bestempeld voor het voetstuk waarop zij de Mens Boudewijn had geplaatst. Dat Beatrix gelukkig niet alleen staat in haar bewondering voor de betreurde Belgische vorst, mag ook blijken uit het feit dat men (hoe verheugend!) nog altijd spreekt van koningin Fabiola, de vrouw die meer dan wie ook de nagedachtenis aan een unieke vorst personifieert. Terwijl koningin Fabiola ook diegene is die mee het beleid van haar echtgenoot heeft bepaald, en dat in zekere zin vandaag nog voortzet. Want gelukkig heeft de koningin-weduwe aan het Belgische hof nog steeds haar eigen plaats, en begeleidt ze nog steeds kroonprins Filip en zijn vrouw Mathilde.



terug naar boven